Wij vonden de schoonheid uit ‘Mijn haar is lang’ — GENT – Nathalie Bos, de schoonheid die een aantal keer opduikt in ‘Mijn haar is lang’, de recentste roman van Herman Brusselmans, is geen verzonnen personage, maar bestaat echt. En ze is van Gent. En wij vonden haar…

Nathalie Bos, een 26-jarige vertegenwoordigster uit de medische sector uit Sint-Denijs-Westrem, wist vooraf niet dat ze in Mijn haar is lang zou voorkomen. ‘Ik kwam het pas te weten toen Ann Van Elsen, met wie ik heel goed bevriend ben, de drukproeven thuis toegestuurd kreeg. Ann moest die lezen omdat ze tijdens de boekvoorstelling van Mijn haar is lang een inleidend woordje moest doen. Dus belde Ann me op om mij te verwittigen: Ge staat in de nieuwe roman van Herman Brusselmans! Ze las me prompt een aantal passages voor’, zegt Bos.
‘Ik vind het wel leuk dat ik nu in een roman vereeuwigd ben. Leuk, maar niet echt belangrijk. Had je me zelf niet gevonden en gecontacteerd, ik zou zoiets nooit gaan rondbazuinen. Maar ik ben er wel trots op dat ik voor iemand als Herman Brusselmans niet gewoon als een grijze muis gepasseerd ben, maar dat er iets van mij bij hem blijven hangen is, blijkbaar voldoende om mij af en toe te laten opduiken in zijn roman.’

‘We waren niet echt onbekenden voor elkaar. Ik deed al jaren een vakantiejob in Obius, de kledingzaak op de Vrijdagmarkt, waar Herman wel eens langskomt. Ik was ooit ook nog het liefje van een voetballer en ook in die wereld duikt Herman wel eens op. Ik had mezelf wel al een aantal keer herkend in columns van Herman in Humo. Maar toen had hij het gewoon over Nathalie. Nooit over Nathalie Bos.’
‘In tegenstelling tot een aantal andere bekende vrouwen die in zijn boeken voorkwamen, heb ik geen enkel probleem met de manier waarop Herman over mij schrijft. Ik heb een open geest en kan dat allemaal perfect plaatsen. Wat hij ook schrijft. Ondertussen ken ik zijn vrouw Tania ook heel goed, weet ik wat voor een toffe madam zij wel is en wat voor een hecht stel die twee vormen’, aldus Bos.
Herman Brusselmans moet niet ver zoeken naar de reden waarom Nathalie in zijn boek voorkomt: ‘Op mijn verjaardag zijn Tania en ik gaan eten met Luk Alloo, Sandy Blanckaert en Ann van Elsen. En Ann had Nathalie mee. En ik vond Nathalie niet alleen een knap meiske, ik vond dat ze ook aangename en interessante zaken vertelde. Ze is gewoon in mijn hoofd blijven hangen. In die periode was ik aan mijn roman bezig en zal ze er zo ingeslopen zijn. En ik vond haar een prachtig klinkende naam hebben. Nathalie Bos. Bos.’
(bron: Rudy Tollenaere – standaard.be)




